Dit jaar ben ik twee keer verrast door interne strubbelingen. Beide keren ging het over samenwerking en communicatie binnen onze teams. Boos was ik. Vooral op mezelf. Mijn onderbuik had namelijk al aangegeven dat er iets speelde. Toch had ik het bewust even laten gaan. We zijn volwassen mensen en we moeten alles kunnen zeggen tegen elkaar. Onderlinge wrijving samen oplossen leek me beter. Beter dan dat ik me er direct mee bemoeide.
Maar blijkbaar werkt het niet altijd zo.
Als feedback voelt als kritiek
De cultuur binnen ons bedrijf is heel familiair. We kletsen en lachen veel en delen van alles. Toch vinden we het lastig elkaar helder en scherp aan te spreken. Operationeel lukt dat trouwens prima. ‘Neem even die borden mee.’ Of: ‘Ruim die troep achter je kont op.’ Maar échte feedback voelt al snel als kritiek. Terwijl het helemaal niet zo bedoeld hoeft te zijn. Nog vaker worden dingen gewoon ingeslikt. Het voelt op dat moment niet belangrijk genoeg. Totdat het gaat etteren. Zo erg dat een collega minder gelukkig wordt. En uiteindelijk op zoek gaat naar een nieuwe uitdaging.
Waarom hoorde ik dit niet eerder?
Daar zit ik dan met een opzeggingsbrief in mijn handen. Van een fijne collega. En ik vraag mezelf af waarom niemand eerder aan de bel trok. Ik loop toch altijd door de zaak? We spreken elkaar bijna dagelijks over allerlei dingen. Blijkbaar is er toch een drempel om zoiets te bespreken. Dan denk ik weer: neem een collega in vertrouwen. Vertel iemand dat je niet lekker in je vel zit. Maar blijkbaar werkt ook dat niet altijd zo. Dat vind ik lastig.
Een mes in de rug
Het speelde blijkbaar al een tijdje. Ze voelde zich minder gezien en werd minder gelukkig. Toch vond ze het lastig om over een collega te ‘klagen’. Voor haar voelde dat als een mes in iemands rug. Ik keek haar met grote ogen aan. Dit hadden we toch gewoon samen kunnen bespreken? Ik had toch een brug kunnen zijn tussen jullie? Maar het leed was al geschied. De beslissing was genomen. En we voelden ons allebei echt klote.
Een training als oplossing?
Natuurlijk gaan we als de wiedeweerga weer een training plannen. Over het geven van positieve feedback. Maar lossen we het daarmee op? Een familiecultuur binnen een bedrijf is heel fijn. Tegelijk brengt die cultuur ook uitdagingen met zich mee. Misschien wordt er soms een duidelijkere rol van mij verwacht. Die van pater familias. Maar dat voelt voor mij toch behoorlijk ouderwets. En eigenlijk ook niet passend bij wie ik ben. Daar zit voor mij dus een zoektocht.
Mijn onderbuik eerder laten spreken
Wat ik mezelf wel voorneem, is eerder naar mijn onderbuik luisteren. Zeker wanneer ik onderliggende frustraties binnen teams voel. Niet meer iets bespreken tussen de schuifdeuren. Maar er echt voor gaan zitten. Energie tussen collega’s kan ik niet zomaar veranderen. Ik kan die energie wel zichtbaar en bespreekbaar maken. Volgens mij begint daar al een deel van de oplossing. Weten wie je bent. En weten wat jij belangrijk vindt. Zo begint respect volgens mij. En zo blijf je met elkaar verbonden.
In good & bad times.
Hoe ga jij hiermee om? Bespreek je altijd alles? Of laat je teams het eerst zelf oplossen?